Met de lancering van SchuldenLabNL slaan publieke en private partijen de handen ineen om Nederland schuldenzorgvrij te maken. Banken spelen daarbij een cruciale rol. Dankzij een schat aan betaalinformatie kunnen zij dreigende betaalproblemen in een vroeg stadium signaleren, vertellen Sadik Harchaoui van SchuldenLabNL en Vincent van den Boogert van ING, voorzitter van de Commissie Consumentenzaken van de Nederlandse Vereniging van Banken (NVB).

Wie schulden heeft, loopt daar niet mee te koop. Sadik Harchaoui weet er alles van. De schaamte is groot en dus vullen mensen het ene financiële gat vaak door het volgende te creëren, vertelt de initiatiefnemer van SchuldenLabNL. Om hulp vragen vinden velen moeilijk. En degenen die wél in een vroeg stadium aan de bel trekken, kunnen lang niet altijd ergens terecht. Bijvoorbeeld omdat hun problemen nog niet ernstig genoeg zijn. Harchaoui: “Al met al duurt het gemiddeld vijf jaar voordat mensen uitkomen bij de schuldhulpverlening in hun gemeente.” Tegen de tijd dat mensen schuldhulpverlening krijgen, staat het overgrote deel van hen diep in het rood, vult Vincent van den Boogert aan. “Hun schuld is opgelopen tot gemiddeld 42.000 euro en ze staan al snel bij meer dan tien partijen in het krijt”, zegt Van den Boogert, CEO van ING in Nederland en namens de Nederlandse Vereniging van Banken (NVB) betrokken bij SchuldenLabNL. “Als schulden problematisch worden, zijn er eigenlijk altijd meerdere schuldeisers. Mensen lopen achter bij de energieleverancier, hebben de zorgpremie niet betaald, kunnen het eigen risico van de zorgverzekering niet opbrengen en ga zo maar door.”

SchuldenLabNL brengt publieke en private partijen bij elkaar om gezamenlijk de beste projecten voor de aanpak van schulden te selecteren en die voor een groter publiek toegankelijk te maken. Dat is hard nodig, stellen Harchaoui en Van den Boogert. Want de kleine groep die terechtkomt bij de schuldhulpverlening is slechts het topje van de ijsberg. Meer dan 2 miljoen huishoudens hebben betaalachterstanden. Daarvan hebben 1,4 miljoen huishoudens risicovolle of problematische schulden.
Harchaoui en Van den Boogert zijn ervan overtuigd dat die aantallen omlaag kunnen door consumenten te wijzen op de mogelijkheden om geholpen te worden voordat hun schulden problematisch worden. Van den Boogert: “Ik heb lang geleden geleerd dat elk groot probleem klein begint. En dat heeft een belangrijk voordeel. Als we consumenten met dreigende betaalproblemen in een vroeg stadium kunnen bereiken en ze doorverwijzen naar de juiste partijen kunnen we helpen voorkomen dat betaalachterstanden op den duur problematische schulden worden.”

Lees hier het hele artikel: BankWereld [december 2018]